pri183252644

AKKOORDEN (DEEL 2)

AKKOORDEN (DEEL 2)

 

Septime akkoorden

In de eerste aflevering van de serie over akkoorden is het dominant septime-akkoord geïntroduceerd. Maar er zijn nog meer septime-akkoorden, zoals het majeur septime- en mineur-septime akkoord. Verder gaan we het hebben over verminderde, half verminderde en overmatige akkoorden.

Eerst even terug naar het dominant septime-akkoord . Dit is een akkoord dat je als volgt noteert: C7, D7, E7 enzovoorts. In spreektaal wordt dit akkoord meestal gewoon ‘septime’ genoemd (bijvoorbeeld C septime of C zeven) maar de officiële benaming is dominant septime.
Het dominant septime-akkoord is een majeur-akkoord met daaraan toegevoegd een kleine septime (zie pianotoetsen op volgende pagina). C7 wordt dan c-e-g-bes, waarvan de bes het septime is. Iedere majeur toonsoort heeft maar één laddereigen dominant septime-akkoord. Laddereigen (of diatonisch) betekent dat het akkoord is opgebouwd uit de tonen van de betreffende toonsoort. Het laddereigen dominant septime-akkoord valt op de vijfde trap van de toonsoort.
Dus in de toonsoort C majeur (c-d-e-f-g-a-b-c) is het dominant septime-akkoord G7 (g-b-d-f).
Het dominant septime-akkoord wil graag oplossen naar het ‘thuisakkoord’. Zo wil G7 (g-b-d-f) graag oplossen naar Cmajeur (c-e-g). Dat komt door de leidtonen in het G7-akkoord: de b wil graag naar de c van het Cmajeur-akkoord, de f wil graag naar de e van het Cmajeur-akkoord.

Majeur septime
Er zijn meer septime-akkoorden dan alleen het dominant septime-akkoord. Twee daarvan bespreken we in dit artikel, te weten het majeur septime-akkoord en het mineur septime-akkoord. Het majeur septime-akkoord wordt als volgt genoteerd: Cmaj7 of C∆. En het mineur septime-akkoord noteren we zo: Cmin7 of Cmi7 of (meer gebruikelijk) Cm7.
Het majeur septime-akkoord is een majeur-akkoord waaraan een grote septime is toegevoegd. Dus Cmaj7 wordt dan c-e-g-b. Ter vergelijking met het dominant septime-akkoord: C7 is c-e-g-bes. Het verschil zit hem dus in de b en de bes, respectievelijk grote septime en kleine septime. Zie ook de pianotoetsen.
Qua klankkarakter is het majeur septime-akkoord anders dan het dominant septime-akkoord. Laatstgenoemd akkoord is een akkoord dat duidelijk wil oplossen naar het thuisakkoord van zijn toonsoort: C7 wil naar Fmajeur.
In het majeur septime-akkoord is de (grote) septime meer een kleuring van het majeur-akkoord. Dit akkoord heeft veel minder ‘oplossingsdrang’ dan het dominant septime-akkoord. Een majeur septime-akkoord geeft de muziek een wat jazzy karakter. Je kunt het dan ook niet zomaar overal toepassen: het is afhankelijk van de muziekstijl en het liedje. Het majeur septime-akkoord is een mooi akkoord, maar je moet het wel smaakvol toepassen.

pri183252644

Mineur septime
Dan het mineur septime-akkoord. Eigenlijk is de naamgeving majeur septime en mineur septime enigszins verwarrend. In het majeur septime-akkoord heeft de term ‘majeur’ (‘groot’) betrekking op de septime, die in dit akkoord een grote septime is. In het mineur septime-akkoord heeft de term ‘mineur’ geen betrekking op de septime, maar op de kleine terts in het akkoord. Het is namelijk een mineur akkoord, met daaraan toegevoegd een septime (in dit geval een kleine septime). Cm7 wordt dus c-es-g-bes. De es is een kleine terts, de bes een kleine septime.
Wat betreft het klankkarakter van het mineur septime-akkoord geldt ongeveer hetzelfde als voor het majeur septime-akkoord. Beide zijn vooral kleuringen van het basisakkoord en hebben geen sterke drang om op te lossen. Net als het majeur septime-akkoord doet het mineur septime-akkoord enigszins jazzy aan. In de rock zul je niet gauw majeur septime- en mineur-septime akkoorden tegenkomen.

Laddereigen septimes
In de toonsoort C majeur is het Cmaj7-akkoord een laddereigen akkoord. Want de tonen c-e-g-b zitten allemaal in de toonladder van C majeur. De toonsoort C majeur kent drie laddereigen majeur-akkoorden, te weten C,F en G (zie eerste aflevering, Bandcoach 1). Van twee van deze akkoorden is het majeur septime-akkoord een laddereigen akkoord, namelijk Cmaj7 en Fmaj7. Het laddereigen septime-akkoord van G is G7, dus het eerder besproken dominant septime-akkoord.

kader 2 zip 1

De toonsoort C majeur kent drie mineur-akkoorden: Dm, Em en Am. Van elk van deze akkoorden is het mineur septime-akkoord laddereigen. Dus Dm7, Em7 en Am7 vallen allemaal in de toonsoort C majeur. Samenvattend: de laddereigen septime-akkoorden in de toonsoort C majeur zijn Cmaj7, Dm7, Em7, Fmaj7, G7 en Am7. Resteert alleen nog de het B-akkoord. Hoe zit het daarmee? In de eerste aflevering van deze serie is uitgelegd dat het B-akkoord in de toonsoort C majeur is opgebouwd uit de tonen b-d-f: een opeenstapeling van twee kleine tertsen. Dit is de verminderde drieklank ofwel het Bmb5-akkoord (spreek uit: B mineur mol 5). De terts in dit akkoord is een kleine terts (zoals in een mineur-akkoord) en de kwint is een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). De tonen b-d-f van het Bmb5-akkoord zitten in de toonsoort C majeur, dus Bmb5-akkoord is een laddereigen akkoord van C majeur.
Hoe kunnen we hier een septime aan plakken die binnen de toonsoort C majeur past? Daarvoor moeten we de kleine septime van b hebben, te weten de a. Het wordt dus b-d-f-a, ofwel Bm7b5 (spreek uit: B mineur 7 mol 5). Een andere naam voor dit akkoord is B half verminderd. En daarmee komen we aan bij het volgende deel van deze aflevering: de verminderde en half verminderde akkoorden.

Verminderde akkoorden
De akkoorden die we tot nu toe in deze serie hebben behandeld, zijn allemaal laddereigen akkoorden. Met andere woorden, het zijn akkoorden die zijn samengesteld uit de noten van de majeur of mineur toonladder. Wat betreft de mineur toonladder hebben we ons beperkt tot aeolisch mineur en harmonisch mineur (zie aflevering 2, Bandcoach 2).
We gaan nu een overstap maken naar akkoorden die niet laddereigen hoeven te zijn, te weten de verminderde drieklanken, de verminderde septime-akkoorden, de half verminderde akkoorden en de overmatige akkoorden. Het zijn allemaal akkoorden die graag willen oplossen en daarom vaak worden vaak gebruikt als zogeheten doorgangsakkoord: een tussenakkoord dat je gebruikt om van het ene naar het andere akkoord te gaan.
Allereerst de verminderde drieklank. Dit akkoord hebben we kort hiervoor al genoemd toen het Bmb5-akkoord ter sprake kwam. De verminderde drieklank is een stapeling van twee kleine tertsen. Zoals gezegd: de terts in dit akkoord is een kleine terts (zoals in een mineur-akkoord) en de kwint is een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). De verminderde drieklank van C wordt dan c-es-ges.
Je kunt de verminderde drieklank op drie manieren noteren: Cmb5, Cdim of Co. De toevoeging ‘dim’ is een afkorting van ‘diminished’ (Engels voor verminderd).
We kunnen de verminderde drieklank (stapeling van twee kleine tertsen) uitbreiden naar een vierklank die bestaat uit een stapeling van drie kleine tertsen. Je krijgt dan het verminderd septime-akkoord. C verminderd septime wordt dan c-es-ges-a. De notatie is Cdim7 of Co7. Het verminderd septime-akkoord wordt meestal als een doorgangsakkoord gebruikt. Dus als een tussenakkoord om van het ene naar het andere akkoord te gaan. Bijvoorbeeld om van de vierde trap terug te gaan naar de eerste trap, zoals je in de blues wel eens hoort: F7-F#dim7-C7.
Overigens is Cdim7 (c-es-ges-a) uit dezelfde tonen opgebouwd als D#-Ebdim7, F#-Gbdim7 en Adim7. Datzelfde geldt voor C#dim7 (cis-e-g-ais), Edim7, Gdim7 en A#-Bbdim7. En voor Ddim7 (d-f-as-b), Fdim7, G#-Abdim7 en Bdim7. Met andere woorden, met drie verschillende tooncombinaties hebben we alle verminderde septime-akkoorden gedekt.

Half verminderd
De half verminderde akkoorden kwamen al even ter sprake bij de mineur septime-akkoorden. Het half verminderd akkoord bevat namelijk bijna dezelfde tonen als een mineur septime-akkoord, maar dan met een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). C half verminderd wordt dan c-es-ges-bes.

kader 3 zip 1

Waarom heet dit akkoord half verminderd? Vergelijk het maar eens met het verminderd septime-akkoord. C verminderd septime is c-es-ges-a. C half verminderd is c-es-ges-bes. Het verschil zit hem in de a en bes. Een verminderd septime-akkoord is opgebouwd uit een stapeling van drie kleine tertsen. Een half verminderd akkoord is opgebouwd uit een stapeling van twee kleine tertsen en één grote terts. Net als het verminderd septime-akkoord wordt het half verminderd akkoord vaak gebruikt als doorgangsakkoord. Maar hij klinkt iets minder ‘heftig’ dan het verminderd septime-akkoord.
Verminderde septime-akkoorden zijn in geen enkele majeur-toonsoort laddereigen. Dat geldt ook voor de meeste half verminderde akkoorden, met uitzondering van het half verminderde akkoord op de zevende trap. In de toonsoort C majeur is B half verminderd (b-d-f-a) een laddereigen akkoord.Een half verminderd akkoord kun je op verschillende manieren noteren. We noemden al de notatie als mineur septime-akkoord met verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). Dat wordt dan Cm7b5 (spreek uit: C mineur 7 mol 5).
Het kan ook eenvoudiger, namelijk Cø. Dit lijkt op de notatie van de verminderde drieklank (Co), maar dan met een streepje door de nul (Cø). Samenvattend: Co is de verminderde drieklank (c-es-ges), Co7 is het verminderd septime-akkoord (c-es-ges-a) en Cø is het half verminderd akkoord (c-es-ges-bes).

Overmatige akkoorden
Tot zover de verminderde en half verminderde akkoorden. Tot slot bespreken we het overmatige (augmented) akkoord. Hiervoor zijn verschillende notaties in omloop. Een overmatig C-akkoord kan zo worden genoteerd: C+, C#5 of Caug.
Het overmatig akkoord verschilt met een majeur-akkoord door een overmatige kwint (‘verhoogde vijf’). Bijvoorbeeld: Cmajeur is c-e-g, C+ is c-e-gis. Net als het verminderde akkoord is het overmatig akkoord een akkoord dat wil oplossen, dus ergens naartoe wil. Het wordt dan ook veel als doorgangsakkoord gebruikt. Bijvoorbeeld om van de eerste trap naar de vierde trap te gaan. In een slow blues hoor je wel eens deze akkoorden-reeks: A7-A7+-D7 (in de eerste maat drie tellen A7 en één tel A7+, daarna een volle maat D7).
In dit voorbeeld is er aan het overmatig akkoord nog een klein septime toegevoegd (A septime overmatig: a-cis-f-g), die het akkoord nog iets heftiger maakt en nog meer oplossingsdrang geeft. Overigens wordt in een blues vrijwel altijd de septime gespeeld.

pri183252653

Truc op gitaar
Majeur- en mineur-akkoorden en de bijbehorende septime-akkoorden moet je eigenlijk geautomatiseerd hebben. Dus kunnen spelen zonder erbij te hoeven nadenken. Met de verminderde en overmatige akkoorden zal dat ook redelijk lukken. Half verminderd wordt al ietsje lastiger, zeker op gitaar. Maar er is een truc om het je wat gemakkelijker te maken. Moet je bijvoorbeeld D half verminderd spelen (Dø of Dm7b5)? Speel dan gewoon Fm (dus Fmineur). Dø is opgebouwd uit de tonen d-f-as-c. Fm is opgebouwd uit f-as-c. Dus dezelfde tonen als Dø, maar dan zonder de d.
Het is niet erg om als gitarist die d niet te spelen. De d is namelijk de grondtoon en die neemt de bassist wel voor zijn rekening. En wellicht dat de toetsenist hem ook wel speelt. Je kunt beter een noot weglaten dan een foute noot spelen of heel lang moeten nadenken in welke greep je hem zal pakken.
Overigens kan het smaakvol zijn om niet iedere muzikant álle tonen van een akkoord te laten spelen. Je kunt ze verdelen over de verschillende muzikanten. Dat kan voor je sound heel goed uitpakken en het kan iets eigens geven aan je sound. Meer uitleg over het weglaten van tonen vind je in het kader Tonen weglaten in akkoorden.

Tonen weglaten in akkoorden
Ben je gitarist of toetsenist, speel dan in ieder geval de terts uit het akkoord. Die is erg belangrijk, want die bepaalt of het een majeur- of mineur-akkoord is. De terts speel je uiteraard niet als er powerchords worden gespeeld, dus akkoorden zonder terts (zie vorige aflevering). Zit er een kleine septime in het akkoord, speel die dan ook.
De terts en de kleine septime zijn de belangrijkste ‘kleurders’ van een akkoord. De grondtoon is natuurlijk ook belangrijk, maar die wordt doorgaans door de bas gespeeld. Op toetsen kan het mooi zijn om in een gespeeld akkoord de grondtoon weg te laten. Dat klinkt meer open. Overigens gaan we in een volgende Bandcoach aandacht besteden aan de voicing van akkoorden op toetsinstrumenten.
En hoe zit het met de kwint? Als het een reine kwint is, zoals in de meeste akkoorden, kun je die gerust weglaten. Dat geldt met name voor toetsenisten. De reine kwint (dominant) is namelijk sterk verwant aan de grondtoon (tonica) en doet eigenlijk weinig aan de kleuring van het akkoord. Dat wordt natuurlijk anders als je die reine kwint gaat verlagen of verhogen, dan wordt hij juist heel bepalend in het akkoord en moet je hem zeker spelen.
Stel je hebt een gitarist en een toetsenist in een band. Het kan een muzikale keuze zijn dat de gitarist alle akkoorden ‘basaal’ speelt, dus niet verder gaat dan de septime. De toetsenist zou dan naar smaak de akkoorden verder kunnen inkleuren door tonen toe te voegen die ‘verder gaan’ dan de septime (dus 9, 11 en 13). Over deze akkoorden komen we in een volgende aflevering nog te spreken.

kader 1 zip 1

Functioneel harmonisch of gewoon een klankkleur
Meestal hebben akkoorden een harmonische functie. Bijvoorbeeld doordat ze willen oplossen naar een volgend akkoord. Maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Dat geldt met name voor de bijzondere akkoorden. Speel maar eens een overmatig akkoord en voeg daar een grote septime aan toe. Dus bijvoorbeeld c-e-gis-b. Dit akkoord zou dan C+maj7 heten. Het klinkt apart, spannend en het wringt enorm. Maar naar welk akkoord het zou moeten oplossen, is niet echt duidelijk. Zo’n akkoord leent zich prima voor bijvoorbeeld filmmuziek en kan helemaal op zich staan. Ook de septime die in veel blues-akkoorden wordt gespeeld, is meer een klankkleur dan dat hij functioneel harmonisch is.

Laddereigen septime-akkoorden
In deze tabel zie je de laddereigen septime-akkoorden per majeur toonsoort (voor uitleg: zie artikel). Cmaj7 (C∆) is c-e-g-b, Cm7 is c-es-g-bes, enzovoorts. De Romeinse cijfers boven de tabel zijn de trappen (zie vorige aflevering). Het akkoord op de zevende trap is een half verminderd akkoord en lijkt op een mineur septime-akkoord, maar dan met een verminderde kwint (mineur 7 mol 5). Dit akkoord kan op twee manieren worden genoteerd: Bm7b5 en Bø.

toonsoort I II III IV V VI VII
C Cmaj7 Dm7 Em7 Fmaj7 G7 Am7 Bm7b5 (Bø)
C# =Db C#maj7 =Db maj7 D#m7 =Ebm7 E#m7 =Fm7 F#maj7 =Gbmaj7 G#7 =Ab7 A#m7 =Bbm7 B#m7b5 (B)=Cm7b5 (Cø)
D Dmaj7 Em7 F#m7 Gmaj7 A7 Bm7 C#m7b5 (C)
Eb Ebmaj7 Fm7 Gm7 Abmaj7 Bb7 Cm7 Dm7b5 (Dø)
E Emaj7 F#m7 G#m7 Amaj7 B7 C#m7 D#m7b5 (D)
F Fmaj7 Gm7 Am7 Bbmaj7 C7 Dm7 Em7b5 (Eø)
F# =Gb F#maj7 =Gbmaj7 G#m7 = Abm7 A#m7 =Bbm7 Bmaj7 =Cbmaj7 C#7 =Db7 D#m7 =Ebm7 E#m7b5 (E)=Fm7b5 (Fø)
G Gmaj7 Am7 Bm7 Cmaj7 D7 Em7 F#m7b5 (F)
Ab Abmaj7 Bbm7 Cm7 Dbmaj7 Eb7 Fm7 Gm7b5 (Gø)
A Amaj7 Bm7 C#m7 Dmaj7 E7 F#m7 G#m7b5 (G)
Bb Bbmaj7 Cm7 Dm7 Ebmaj7 F7 Gm7 Am7b5 (Aø)
B Bmaj7 C#m7 D#m7 Emaj7 F#7 G#m7 A#m7b5 (A)

(Half) verminderde en overmatige akkoorden
In deze tabel zie je per toon de verminderde drieklank, het verminderd septime-akkoord, het half verminderd akkoord en het overmatig akkoord. Notatie verminderde drieklank: Cmb5 of Co. Notatie verminderd septime-akkoord: Cdim7 of Co7. Notatie half verminderd akkoord: Cm7b5 of Cø. Notatie overmatig akkoord: C+, C#5 of Caug.
De benamingen van de akkoord-tonen hebben we bewust eenvoudig gehouden. Zo moet de e in het verminderde Db-akkoord eigenlijk fes heten. In de toonsoort Db is de e namelijk een verlaagde f, dus fes. En zo zijn er meer tonen die we hier ‘oneigenlijk’ benoemd hebben. Maar we hebben bewust gekozen voor de eenvoud en praktische toepassing.

grondtoon verminderde drieklank verminderd septime-akkoord half verminderd akkoord overmatig akkoord
C c-es-ges c-es-ges-a c-es-ges-bes c-e-gis
C# =Db cis-e-g =des-e-g cis-e-g-ais =des-e-g-bes cis-e-g-b =des-e-g-b cis-eis-a =des-f-a
D d-f-as d-f-as-b d-f-as-c d-fis-ais
Eb es-ges-a es-ges-a-c es-ges-a-des es-g-b
E e-g-bes e-g-bes-cis e-g-bes-d e-gis-c
F f-as-b f-as-b-d f-as-b-es f-a-cis
F# =Gb fis-a-c =ges-a-c fis-a-c-dis =ges-a-c-es fis-a-c-e =ges-a-c-e fis-ais-d =ges-bes-d
G g-bes-des g-bes-des-e g-bes-des-f g-b-dis
Ab as-b-d as-b-d-f as-b-d-ges as-c-e
A a-c-es a-c-es-fis a-c-es-g a-cis-f
Bb bes-des-e bes-des-e-g bes-des-e-as bes-d-fis
B b-d-f b-d-f-as b-d-f-a b-dis-g

Herkennen
De akkoorden die we in deze aflevering hebben besproken, hebben eigenlijk allemaal wel een heel herkenbare klankkleur. Met enige oefening zijn ze doorgaans goed te herkennen. Van de verminderde en overmatige akkoorden hoor je heel goed dat ze buiten de toonsoort gaan, dus die pik je er doorgaans gemakkelijk tussenuit. Half verminderde akkoorden zijn minder gemakkelijk te herkennen, maar die worden in de popmuziek ook niet zo heel veel gebruikt.

Met dank aan Martin Hiddink, trompettist, zanger en arrangeur (www.m-agemusic.nl).

 

 

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Email to someone
Fred Meijer

Geschreven door

Fred Meijer, redacteur Bandcoach Magazine

Reacties (0)

Kennispartners

knowledge partners